Knelpuntberoep

Knelpuntberoep

Een beroep wordt een knelpuntberoep als het voor de werkgevers veel langer duurt dan normaal -en veel meer rekruteringsinspanningen kost dan normaal- om voldoende geschikte kandidaten te vinden voor de invulling van vacatures voor een bepaald beroepsprofiel. Dat kan zijn omdat er te weinig kandidaten zijn met een bepaald diploma, omdat de opleiding zo specifiek is of omdat in moeilijke arbeidsomstandigheden gewerkt wordt en mensen daarom niet voor de job kiezen. VDAB stelt elk jaar een nieuwe lijst samen met de zogenaamde ‘knelpuntberoepen' op de Vlaamse arbeidsmarkt en organiseert opleidingen voor werkzoekenden die leiden naar deze knelpuntberoepen. Wanneer je voor zo'n beroep studeert, ben je dus zeker van een job.

Hier is een lijst van de beroepen binnen de sociale sector:

Verpleegkundige

Als verpleegkundige doe je veel meer dan 'verzorgen'. Je biedt zowel lichamelijke hulp als psychische en sociale begeleiding. Je verzorgt wonden, dient medicijnen toe, kijkt of het met de patiënt beter of minder goed gaat, … In deze job moet je handig en flexibel zijn. Je moet bijvoorbeeld een infuus kunnen verwisselen, een wonde proper maken, medicatie klaarzetten, de bloeddruk opnemen, ... Maar er is veel meer, want de gezondheidszorg verandert natuurlijk de hele tijd en je moet je bijscholen. Ook moet je goed naar mensen kunnen luisteren en ze gerust stellen.

Verzorgende/Zorgkundige

Als verzorgende/zorgkundige ondersteun je de patiënt tijdens de verzorging en bied je hulp bij de activiteiten die moeilijk gaan. Je biedt praktische hulp maar je kan vooral luisteren naar de zieke, gehandicapte of oudere mens en naar zijn of haar familie. Je kent bepaalde ziektebeelden en kan hiermee rekening houden in je dagelijkse werk. Zo mogen hart- of diabetespatiënten bijvoorbeeld niet alles eten. Je observeert en rapporteert wat je ziet.

Kinesist

Je helpt mensen die in hun bewegingen worden beperkt of gehinderd. De meeste patiënten zijn door een huisarts of medisch specialist doorverwezen. Tijdens het eerste lichamelijk onderzoek breng je de klachten van de patiënt in beeld. Daarna stel je een behandelingsplan op dat je met de patiënt bespreekt.

Kinderarts

Je onderzoekt en behandelt kinderen. Dat doe je in je eigen praktijk of op de kinderafdeling van een ziekenhuis.Je kan goed overweg met kinderen en hebt veel geduld. Het is immers moeilijker om bij kinderen te vinden wat het probleem juist is. Een volwassene kan zelf zeggen wat hij precies voelt, een kind heeft vaak gewoon pijn. En als je dan al weet wat de klachten juist zijn, moet je nog op zoek naar de oorzaak. Eens je die gevonden hebt, kan de behandeling beginnen. Soms is een medicijn voldoende, soms is een specifieke operatie nodig. In dat geval verwijs je het kind door naar een andere specialist. Je houdt ook de ouders van de kinderen steeds op de hoogte van de behandeling en de toestand van je patiëntjes.

Gynaecoloog

Als gynaecoloog werk je meestal met vrouwen tussen de 20 en 70 jaar, maar je krijgt ook te maken met kinderen, ouderen en af en toe ook met mannen. De patiënt wordt meestal doorverwezen door zijn huisarts. Je praat met de patiënt en onderzoekt hem. Je bespreekt behandelmethoden of medicijnen. Op andere momenten bezoek je patiënten die in het ziekenhuis verblijven, voer je operaties of bevallingen uit en geef je de nodige nazorg. Je werk als gynaecoloog is heel divers. Je bent bezig met wetenschappelijk onderzoek, verloskunde, onvruchtbaarheid, menstruatieproblemen, hormoonbehandelingen, incontinentieproblemen en ziekten zoals kanker.

Medewerker grootkeuken

Je organiseert samen met de kok en de hulpkok het maaltijdgebeuren. Je werkt voornamelijk ondersteunend naar de kok of hulpkok(s) toe.
Je helpt bij het voorbereiden van de maaltijden, het samenstellen van de gerechten/schotels, het opruimen en onderhouden van de keuken en het materiaal. Een ander aspect van je taak is het controleren en rapporteren van de stock en het verbruik.

Geriater

Een geriater is een specialist in het behandelen van de kwetsbare oudere mens. Vaak gaat het om ouderen die een combinatie van lichamelijke, psychische en sociale problemen ervaren. Je onderzoekt en behandelt mensen met ouderdomsklachten en ziekten zoals dementie of de ziekte van Parkinson. Om te achterhalen wat er met de patiënten aan de hand is, luister je geduldig naar hen en beschik je over een gezonde dosis inlevingsvermogen. Je stelt de diagnose, maakt een behandelplan en volgt je cliënten op. Je schrijft bijvoorbeeld medicijnen of bewegingsoefeningen voor of adviseert een verpleeghuisopname.

Begeleider in de kinderopvang

Je zorgt ervoor dat de kinderen zich goed voelen in de opvang en je voorziet leuke activiteiten. Zo zing je liedjes met de kinderen, doe je spelletjes of laat je ze knutselen. Met de baby's ben je eerder verzorgend bezig. Met de ouders bouw je een vertrouwensrelatie op. Zo laten ouders hun kind met een gerust hart bij jou achter en geven ze vlot belangrijke informatie over hun kind aan jou door. Dit is nodig, zeker bij jonge kinderen die zelf nog niet of onvoldoende spreken.

Prothesist

Je maakt hulpmiddelen die lichaamsdelen vervangen (prothesen), ondersteunen of corrigeren (orthesen). Je gebruikt hiervoor leder, textiel en kunststof. Dit gebeurt voornamelijk machinaal. De afwerking is wel volledig handwerk. Je doet dit aan een aangepaste werkbank. Nauwkeurig meten is heel belangrijk want een steunmiddel op maat mag niet knellen of irriteren.

Pagina's